|
 |
|
Een persoonlijk gesprek
uit
|
Commission
en
direct
-
507 |
|
|
|
Leopold Kinet
… de kinderen eerst |
|
Hij
is bij de Europese commissie gekomen aan 21
jaar, Leopold Kinet heeft een originele
loopbaan.
Eerst kok in de restaurant van de Commissie.
Daarna keuken chef op het 13de
verdiep van de Berlaymont. Nadien naar het
directoraat generaal Personeel en
Administratie (DG ADMIN) vervolgens het
directoraat generaal Interne Markt, (DG-MARKT).
Hij Is momenteel werkzaam bij DIGIT -
Directoraat Generaal Informatica.
Afkomstig uit Rwanda, helpt hij weeskinderen
dit ten voordele van een organisatie die hij
samen met zijn echtgenote heeft opgericht. |
|
|
Vertel ons eens uw rit
bij de Europese Commissie: |
|
Ik
ben in België gekomen toen ik 10 jaar was.
Na mijn studie in de hotelschool heb ik mijn
stage gedaan bij de Europese Commissie als
kok in 1971. Na het beëindigen van mijn
studies, ben ik aangeworven als plaatselijke
agent in het zelfbedieningsrestaurant,
nadien in het restaurant à la carte in het
Berlaymont gebouw. Nadien ben ik keukenchef
geworden op het 13de verdiep. De
keuken van de voorzitter van de Commissie.
Ik ben er 15 jaar gebleven, een periode
waarin ik drie voorzitters (presidenten) heb
gekend: Roy Jenkins, Gaston Thorn en Jaques
Delors. |
|
Om familiale redenen ben ik
naderhand van dienst veranderd. Ik volgde toen enkele
cursussen bij de dienst administratie.
In het begin was het niet evident om over te schakelen
van werk in een keuken als keukenchef naar een administratieve functie.
Nu bij Digit heb ik een totaal van 38 jaren dienst bij
de Commissie. |
|
U bent afkomstig
van Rwanda? |
|
Ik ben er inderdaad geboren. Mijn moeder was een
Rwandese en mijn vader een Belg. Bij de
onafhankelijkheid moest alles wat enigszins Belg was het
land verlaten. De mestiezen werden niet aanvaard nog
door de ene nog door de andere kant. Ik ben dus in
België aangekomen toen ik 10 jaar was, waar ik werd
opgevangen in een Vlaams gezin in Gent. En het is maar
na 25 jaar dat ik mijn natuurlijke moeder terug vond.
Dit op aandringen van mijn echtgenote, die mij heel wat
heeft gesteund en aangemoedigd.
Ik ben dus voor de eerste maal terug gegaan naar Rwanda
in 1987, om mijn moeder en familie te zien. Het was een
heel emotioneel weerzien, en tevens heel moeilijk
bezoek. Ik sprak de taal niet meer, en stond daar voor
een vreemde.
Jammer genoeg is mijn moeder datzelfde jaar overleden.
Ik heb haar dus maar één maal kunnen ontmoeten, maar
daar ik nog twee halfbroers had en familie ging ik
regelmatig op familie bezoek. Telkenmaal werden mijn
echtgenote en ik geconfronteerd met de armoede en de
vele weeskinderen in mijn land |
|
|
Is het vandaar dat het idee is ontstaat om weeskinderen
te helpen? |
|
Met mijn echtgenote, wilden wij iets doen voor dit
onrecht. Wij namen contact op met het Centre Mémorial
Gisimba (CMG) in Kigali. Het is daar dat wij onze
organisatie zijn gestart. Met als doel weeskinderen te
helpen. Wij leggen er steeds de nadruk op dat wij niet
allen werken voor Hutu's of Tutsi's maar voor Rwandese
weeskinderen.
Ondanks het moeilijk bekomen van subsidies is onze
vereniging blijven groeien door de jaren heen. Het basis
idee is dat alle kinderen naar school gaan. Daarom
hebben wij in het weeshuis zelf een school gebouwd. Voor
de weeskinderen is het gratis, maar de kinderen uit de
wijk betalen een kleine bijdragen. Dit dient om de
onderhoud- en herstellingswerken te helpen financieren.
Evenals het aankopen van schoolmateriaal.
In 1994 hebben wij een meisje geadopteerd uit Rwanda die
toen 5 jaar oud was. Haar moeder kwam te overlijden in
het ziekenhuis van Kigali.
|
|
|
Was het juist voor de oorlog? |
Ja, wij waren daar juist op bezoek in januari 1994 en de
oorlog brak uit in april bij het neerhalen van het presidentiële vliegtuig. Mijn twee broers zijn gestorven
tijdens die oorlog.
Mijn familie is toen gevlucht. Een deel heb ik in België
kunnen doen over komen. Het is maar in 2003 dat ik
opnieuw naar Rwanda ben gegaan. Gedurende de oorlog werd
het weeshuis geplunderd, gelukkig zijn de gebouwen
gespaard gebleven. |
|
Dus bent U
dan verder blijven werken
voor het weeshuis? |
|
Ja, hebben een tweede school gebouwd, het lager
onderwijs. Wij hebben ook twee vrijwilligsters kunnen
sturen uit België, die er gedurende een jaar hebben
gewerkt.
Onze vereniging telt nu ongeveer 600 leden. Wij zorgen
voor het eten in het weeshuis en sturen om de twee jaar
een container met kledij, schoenen, lees- en schoolboeken
en allerlei andere nuttige goederen. Maar het weeshuis
moet ook in zijn eigen behoeften voorzien. Daardoor is
het idee gegroeid om een boerderij op te starten. Het
bouwen is gestart verleden jaar (2008) Deze zal beheerd
worden door 4 alleenstaande vrouwen met kinderen. De
opbrengst is voorzien voor het weeshuis. Wij zijn in
december 2008 ter plaatste gaan kijken hoe het met de
werken stond. Dit op eigen kosten.I |
|
En na uw opruststelling denkt U eraan regelmatig terug
te keren naar Uw geboorteland? |
Ik zou graag teruggaan voor 3 tot 6 maand, dit om het
weeshuis te helpen. Ik volg nu taallessen Kinyarwanda
(mijn moedertaal) die ik volledig ben vergeten.
Ik vind dat ik heel wat geluk heb gehad om naar België
te kunnen komen. Hier mogen studeren, leven en werken.
Daarom vind ik het een beetje mijn plicht iets bij te
dragen aan de toekomst van mijn land... Rwanda. |
|
Opgetekend door :
Jessica Berthereau – Europese Commissie -
originele franstalige
versie |
 |
|
|
|
Copyright © 2010 Kinetjesweb. All rights reserved.
To get authorization for reproduction, in
part or in whole, for print or electronic
media, you must get permission |
|
Webm@ster
Leoke
 |
|
|